Wat gebeurde er in onze eigen sessie?
Op 22 oktober 2026 weigerde het cloudmodel midden in een lange onderhoudstaak elk bericht, omdat een veiligheidsfilter aansloeg. We schakelden in dezelfde sessie over naar een lokaal model, en dat maakte het werk af.
We werkten met onze eigen Hermes-installatie bij Voltti aan technisch onderhoud op eigen servers. Halverwege gaf elk bericht hetzelfde korte antwoord: het verzoek was niet verwerkt. Opnieuw proberen en het anders vragen hielpen niet. De agent zelf vermoedde een probleem met de contextlengte of een storing. Het logboek van Hermes gaf de echte reden: het filter reageerde op de technische inhoud die de agent net had gelezen. Onze eigen vraag was gewoon “ga verder”.
Daarop startten we het lokale model op onze workstation: Qwen3.8-Flash-Next op Strata. In dezelfde sessie wisselden we met het commando /model van model. Hermes behield de volledige sessiegeschiedenis, de tools en de afspraken die eerder in de sessie waren gemaakt. Het lokale model maakte het werk af in 66 modelaanroepen, met een context die groeide van ongeveer 121.000 naar 212.000 tokens.
Het ging trager dan in de cloud. Met een warme cache duurde een beurt 3 tot 20 seconden, zonder cache 70 tot 115 seconden. En het was niet foutloos. Een script dat het model schreef, bevatte twee fouten; het model vond ze zelf bij een lokale test. Eén telling in de eindsamenvatting klopte niet met een eerder rapport. Zulke dingen controleer je met elk model.
Hoe neemt een lokaal model een lopende sessie over?
In Hermes is een lokaal model gewoon een extra provider met een OpenAI-compatibel adres. Je kunt op twee manieren overschakelen: zelf met /model, of automatisch met fallback_providers.
Met /model wissel je zelf binnen een lopende sessie van model; de documentatie over modellen legt uit hoe dat werkt. Met fallback_providers stel je een reservemodel (fallback) in waarnaar Hermes automatisch overschakelt. De instelling is een lijst, dus je kunt meerdere reservemodellen opgeven die Hermes op volgorde probeert. Een generiek voorbeeld:
fallback_providers:
- provider: custom
model: mijn-lokale-model
base_url: http://localhost:8000/v1
key_env: LOCAL_API_KEY
Volgens de documentatie over terugvalproviders schakelt Hermes automatisch over bij limieten en serverfouten, nadat het zelf een paar keer opnieuw heeft geprobeerd. Dat doet het ook bij authenticatiefouten en bij antwoorden die herhaaldelijk leeg of onbruikbaar zijn. Die terugval geldt per beurt. De documentatie zegt het zo: “Fallback is turn-scoped: each new user message starts with the primary model restored.” Bij het volgende bericht probeert Hermes dus eerst weer het hoofdmodel. Een weigering door een veiligheidsfilter is daarentegen een eindresultaat: Hermes toont die en probeert niet opnieuw. Bij een weigering schakel je daarom zelf over met /model.
Reken bij een wissel op twee dingen. De promptcache van het vorige model telt niet mee, dus het nieuwe model leest de hele geschiedenis opnieuw in. Bij een sessie van meer dan 100.000 tokens vraagt Hermes daarom eerst om bevestiging. Heeft het nieuwe model een kleiner contextvenster, dan kan de sessie al dicht bij de compressiegrens zitten. Hermes comprimeert de sessie dan bij het eerstvolgende bericht.
Wat mag je verwachten van een lokaal model als reserve?
Een lokaal model is een verzekering, geen vervanging van een sterk cloudmodel. Het is iets waard als het snel genoeg is, een lang contextvenster heeft en tools betrouwbaar aanroept. Een sessie met 200.000 tokens en tientallen commando’s is iets heel anders dan een chatvraag.
Wij gebruiken voor het meeste werk nog altijd het cloudmodel. Onze workstation heeft een RTX 5090 met 32 GB videogeheugen en 128 GB werkgeheugen. Qwen3.8-Flash-Next haalde daarop ongeveer 79 tokens per seconde, met een contextvenster van 512.000 tokens. In onze eigen taakset, op 21 en 22 oktober 2026, was het het snelste en meest betrouwbare model op die hardware. Dat zijn metingen op één machine, geen algemene benchmark; de volledige vergelijking staat in het Engels online.
Met een kleinere computer kies je een kleiner model en verwacht je minder. Welke hardware bij welk model past, lees je in ons artikel over de computer voor lokale AI.
Waar let je op als je een terugvaloptie opzet?
Een lokaal model als terugvaloptie werkt alleen als je het voorbereidt voordat je het nodig hebt. Dit zijn de punten die bij ons het verschil maakten:
Gebruik één agentframework voor beide routes. De overdracht werkte omdat de sessie en de tools dezelfde bleven; alleen het model wisselde.
Houd het lokale model klaar. Ken het startscript, weet wat er anders op de videokaart draait en test de opstart af en toe.
Kies een model dat lange sessies met veel toolaanroepen aankan, niet alleen een model dat goed scoort op chatvragen.
Log weigeringen apart van fouten. Een weigering is een geslaagd antwoord zonder inhoud en blijft anders onzichtbaar.
Stel automatische terugval in voor storingen en limieten, en spreek af wie bij een weigering zelf overschakelt.
Controleer het werk op dezelfde manier, welk model het ook doet: back-ups vooraf, controles achteraf en een weg terug als er iets misgaat.
Een terugvaloptie is geen manier om regels te omzeilen. Je gebruikt ze voor werk dat binnen je eigen afspraken valt, met dezelfde menselijke controle als anders. Wat het lokale model doet, controleer je net zo goed als het werk van het cloudmodel.
Hoe zet Voltti dit op?
Voltti installeert Hermes Agent bij jou, richt de terugvalroute in en geeft support, voor bedrijven in België en Nederland. Een lokaal model voegen we toe wanneer de toepassing en de hardware dat rechtvaardigen.
Een hybride opstelling is daarbij het vertrekpunt: Hermes draait bij jou, en per taak kies je het model dat past. Hoe je die keuze maakt, lees je in lokale AI versus cloud-AI. Het lokale model dient dan als reserve of voor taken waarbij gegevens op je eigen hardware moeten blijven. Wat daarbij lokaal blijft en wat niet, staat in wat blijft lokaal in een hybride AI-opstelling.
Je krijgt een offerte op maat, want hardware en modelkeuze verschillen per bedrijf. Meer over de opties lees je op onze pagina over lokale AI voor bedrijven. Wil je weten wat er gebeurt als de hardware zelf uitvalt, lees dan wat er met je AI-omgeving gebeurt bij een hardwarestoring.